Hoofdlijnen verkiezingsprogramma SP voor 2012

 

MET Nieuw vertrouwen
samen sociaal uit de crisis komen


Vandaag presenteert de SP haar conceptverkiezingsprogramma voor de komende regeerperiode. Ons
programma heet ‘Nieuw vertrouwen’. Want als er één ding is dat we in dit land zijn kwijtgeraakt, dan is

het wel het vertrouwen van de bevolking in de politiek. En dat heeft alles te maken met de politiek, die

keer op keer laat zien geen vertrouwen te hebben in de bevolking.
Wij leggen de kiezers een keuze voor: wilt u het na 12 september socialer of nog liberaler? Ons Congres

heeft op 2 juni in Breda onze koers vastgelegd, dit conceptprogramma is daarvan de uitwerking. Wij

gaan voor een sociaal Nederland, waarin vrijheid betekent dat we elkaar de kans geven er het beste

ervan te maken - voor onszelf en onze kinderen.


Vandaag is dit conceptprogramma voorgelegd aan onze achterban. Die gaat hier de komende weken

in al onze partijafdelingen over praten. En die discussie zal zeker leiden tot verbeteringen. We kijken

natuurlijk ook uit naar alle reacties uit de samenleving. Die zijn voor ons ook van grote waarde.

Op 30 juni maken we dit karwei af.
Dan stelt ons Congres de definitieve versie vast, ons aanbod aan de kiezer.


Dat aanbod is optimistisch en realistisch. Optimistisch, omdat zeker in tijden van crisis politieke partijen
perspectief moeten bieden op een betere toekomst. Ons land, met al zijn mensen, middelen en

mogelijkheden, is natuurlijk in staat sociaal door en uit de crisis te komen. Als de politieke wil er maar is.

Ons aanbod is ook realistisch. Wij gaan niet voorbij aan het gegeven dat door falend beleid, hier en in

Europa, de middelen van overheid en burgers worden bedreigd. We kunnen ons niet permitteren dat

mensen permanent tekort komen - en dat kunnen we ook niet vragen van de overheid.


Ons meerjarenprogramma werkt dus vastberaden, maar niet verblind door Brusselse bevelen, toe naar

een solide en duurzame balans in de overheidsfinanciën. We werken aan tekortreductie waar dat mogelijk

is, zonder de economie onnodig te beschadigen. Nederland is één van de laatste landen die krampachtig

vasthoudt aan Europese normen die in een andere tijd zijn vastgesteld, maar die nu de economische groei

en het herstel van de staatsfinanciën belemmeren. De economie moet zich herstellen.

Dan zullen de opbrengsten toenemen, van bedrijven en burgers - en ook van de overheid. Alleen daardoor

kunnen we het begrotingstekort en de staatsschuld duurzaam beperken.

 

 

DIT ZIJN DE HOOFDLIJNEN VAN ONS AANBOD AAN DE KIEZER


In de komende regeerperiode brengen we het begrotingstekort en de staatsschuld in lijn met onze Europese
afspraken. Maar we zetten geen overhaaste stappen om eurocraten in Brussel te plezieren. Ons doel is een
duurzaam herstel van de staatsfinanciën, zonder aan het sociale karakter van de samenleving te komen. Het
Kunduz-akkoord gaat aan het einde van de zomer weer van tafel. Met andere landen streven we naar een nieuw
akkoord in de Europese Unie over de beste voorwaarden voor economisch herstel en bescherming van het
sociale karakter van de samenleving. We denken heel wat partners in Europa aan onze kant te krijgen.


De tekorten van de overheid verkleinen door de tekorten bij burgers te vergroten is niet zinvol. Daarom zorgen
we er voor dat we zowel bij de beperking van uitgaven als bij de vergroting van inkomsten de lasten eerlijk
verdelen. Wil Nederland socialer uit deze crisis komen, dan moeten we daar vanaf nu het beleid op richten.
Dat betekent dat van mensen die het kunnen lijden een extra bijdrage in de kosten van een sociale samenleving
wordt gevraagd. We laten vermogende mensen meer betalen en komen met een toptarief van 65 procent voor
inkomens boven anderhalve ton. Mensen die het nu al zwaar te halen hebben houden we uit de wind. We maken
daarom de kinderbijslag inkomensafhankelijk en beschermen het minimumloon.


Hypotheekrenteaftrek toppen we in tien jaar tijd af voor hypotheekschulden boven 350.000 euro, daaronder
kan worden afgetrokken tegen 42 procent. Aflossingsvrije hypotheken gaan we niet langer belonen. Zo verdwijnt
de villasubsidie en doet de aftrek weer waarvoor hij bestemd was: mensen met gewone inkomens de kans geven
een huis te kopen.


In plaats van alles te richten op bezuinigen kiezen we voor een doordachte mix van besparen en bevorderen.
Dat leidt tot meer economische groei, meer werk en hogere inkomsten voor de overheid, waarmee de publieke
sector en het sociale stelsel overeind kunnen worden gehouden en de staatsfinanciën weer op orde worden
gebracht. We concentreren het beleid de komende jaren vooral op bevordering van hoogwaardige zorg,
hooggekwalificeerd onderwijs, voldoende huisvesting voor iedereen en behoud van ons sociale stelsel.


Daarom maken we een einde aan de voortschrijdende marktwerking in de zorg en de uit de hand gelopen
bureaucratie. Alleen zo kunnen we goede en toegankelijke zorg aan iedereen waarborgen en de kosten in de
hand houden. Wij kiezen voor een lager in plaats van een hoger eigen risico en voor inkomensafhankelijke
premies. Zo delen we de lasten eerlijker en wordt niemand van noodzakelijke zorg afgehouden. Indicatiestelling
door het CIZ verdwijnt, zorgverzekeraars gaan receptmedicijnen centraal - en stukken goedkoper - inkopen. De
zorg financieren we via regionale zorgbudgetten. Vrije tandartstarieven en de eigen bijdrage in de geestelijke
gezondheidszorg verdwijnen. Thuiszorg, preventieve zorg en palliatieve zorg verbeteren we, ook door de zorg
dichter bij huis te brengen.


We investeren extra in goed onderwijs, want dat is de beste manier om de samenleving en de economie
duurzaam te versterken. We helpen studenten op een betaalbare manier hun studie af te ronden, we stimuleren
schaalverkleining en hervormen de onderwijsinspectie. Klassen mogen van ons kleiner worden en schooluitval
gaan we aanpakken. Als het aan ons ligt gaat iedereen onder de 27 werken of naar school. VMBO en MBO gaan
we deels samenvoegen. Er komen landelijke examens en meer stageplaatsen. We stimuleren onafhankelijk
wetenschappelijk onderzoek. We nemen maatregelen om dure managerslagen weg te snijden uit ons
onderwijs. We schaffen nodeloze raden voor HBO en MBO af.


Armoedebestrijding gaan we intensiveren, vooral voor gezinnen waar kinderen in armoede opgroeien. Het
minimumloon bewaken we, mensen met schulden worden eerder en beter geholpen. Onzeker flexwerken
beperken we tot ‘ziek en piek’. De ontslagbescherming blijft, net als de algemeenverbindendverklaring van
cao’s. Sociale werkplaatsen houden we in stand, uitstroom naar regulier werk wordt bevorderd. We belonen
werkgevers die mensen met een beperking in dienst nemen. Grote bedrijven en de overheid krijgen een
verplichting daartoe.


Een sterk sociaal stelsel is alleen duurzaam als we het aantal mensen dat er een beroep op doet weten te
beperken. Terugdringen van de werkloosheid, tegengaan van ziekte en arbeidsongeschiktheid en optimaal
gebruik maken van het arbeidspotentieel in de samenleving zijn essentiële voorwaarden. Zoiets kan alleen
met voortdurende betrokkenheid van de sociale partners. Aan hen geven wij dan ook het vertrouwen en de
gelegenheid om in 2013 een veelomvattend ‘sociaal contract’ te sluiten. Met daarin verplichtende afspraken
over werk, inkomen en zekerheid - inclusief AOW - en pensioenvoorwaarden.
Tot 2020 gaat de AOW-leeftijd in ieder geval niet omhoog, als het aan ons ligt. En mensen die redelijkerwijs aan
het einde van het arbeidzame leven zijn gekomen vanwege zwaar werk of lang arbeidsverleden kunnen er dan
nog steeds met 65 uit stappen, ook als wordt beslist dat de algemene pensioenleeftijd omhoog gaat.
We gaan ervan uit dat dit brede sociaal contract maatregelen treft ter bestrijding van de groeiende
jeugdwerkloosheid, verhoging van de lage arbeidsparticipatie van mensen tussen 60 en 65 en bevordering van
doorwerken boven 65. Met dit sociaal contract herstellen we het onderling vertrouwen en kunnen we rekenen
op instemming van de burgers, waarborging van de sociale vrede en stevige stimulering van de economische
groei. Stabiliteit is immers één van de belangrijkste vestigingseisen voor bedrijven. We schrappen het
automatisch ontslag bij 65, om doorwerken voor 65plussers aantrekkelijker te maken en om te voorkomen dat
65plussers in flexbanen arbeidsconcurrent worden van 65minners met vaste banen.


We vragen van alle werknemers, maar zeker die in de publieke en semipublieke sector, de bereidheid om zich
ook in budgettair moeilijke tijden in te zetten voor optimale resultaten, of het nu gaat om de veiligheid, het
onderwijs, de zorg, het beheer van de publieke sector. Een absolute nullijn past daar niet bij. Wij kiezen daarom
voor een beperkte nullijn voor salarissen boven twee maal modaal in de publieke en semipublieke sector.


Het midden- en kleinbedrijf, de motor van onze economie, geven we extra ruimte en hulp om te groeien
en daarmee de economie op gang te brengen. Daarom houden we de BTW op 19 procent. We gaan voor
een Nationale Investeringsbank, die kredieten verstrekt aan gezonde, goed geleide ondernemingen in de
industrie en andere sectoren. Om zuinig omgaan met energie te bewerkstelligen, zetten we in op twee procent
energiebesparing per jaar. Overbodig woon-werkverkeer verminderen is wijs, maar werknemers straffen als
ze hun werk niet naast de deur vinden, vinden we dom. Dat doen we dus niet.


We kunnen alleen duurzaam economisch herstel bereiken als we de financiële markten aan banden leggen.
In plaats van ons door hen de wet te laten voorschrijven, gaan we hen weer dienstbaar maken aan de reële
economie en aan de samenleving. Dus zeggen we speculanten de wacht aan. En bannen we bonussen bij
banken en andere financiële instellingen. We maken werk van de straf- en civielrechtelijke aansprakelijkheid
van bestuurders van ondernemingen, we scheiden sparen van speculeren, verhogen de bankenbelasting,
introduceren een speculatiebelasting en vragen een extra bijdrage aan grote ondernemingen. Maar we gaan
ook kansrijke economische initiatieven stimuleren, slimme samenwerking bevorderen tussen bedrijven,
kennisinstellingen en de overheid, zoals bij Brainport in Brabant en Food Valley in Gelderland en innovatie in de
ICT stimuleren. We maken weer werk van een perspectiefrijk industriebeleid, van handel alleen kunnen we
niet leven.


Europese samenwerking richten we niet langer op alleen maar geld verdienen maar vooral op het behoud
van de vrede, de bescherming van de veiligheid en de bevordering van welvaart en welzijn voor iedereen. In
plaats van steeds meer internationale concurrentie die landen en mensen tegen elkaar opzet, zetten we in
op betere samenwerking om een socialer Europa op te bouwen, met respect voor diversiteit, subsidiariteit
en soevereiniteit. De taak van de Europese Centrale Bank wordt, als het aan ons ligt, niet langer beperkt
tot het tegengaan van inflatie, maar uitgebreid naar het bevorderen van economische groei en sociale
gelijkwaardigheid. We denken daarvoor veel partners in Europa te hebben.


Internationale solidariteit en bevordering van de internationale rechtsorde horen hoeksteen van het
buitenlands beleid te zijn. We zetten in op een eerlijker belastingstelsel, eerlijker handel en bereidheid tot
eerlijker delen. Hoe meer kans we arme landen geven om zich te versterken, hoe minder permanente transfers
er nodig zijn van rijk naar arm. Het niveau van de ontwikkelingssamenwerking handhaven we, als een zaak
van beschaving en solidariteit, maar uitvoering ervan gaan we ingrijpend verbeteren en verspilling gaan we
voorkomen. Alleen dan kunnen we daarvoor steun behouden onder de bevolking.


Steun van de bevolking - dat is ook waar we hier de komende jaren grote behoefte aan hebben. Om een ander
beleid te krijgen, om ervoor te zorgen dat Nederland niet nog liberaler, maar socialer wordt. We zetten daarom
in op een regering die niet tegenover, maar naast de mensen staat. Alleen dan we kunnen het vertrouwen
herwinnen. We betrekken burgers meer bij het bestuur van het land, onder meer door een raadgevend
referendum. Bureaucratie beperken we op alle niveaus, de wet Openbaarheid Bestuur breiden we uit. We
bouwen een ‘Huis voor klokkenluiders’ om maatschappelijke misstanden bloot te leggen en de samenleving
te behoeden voor corruptie en verspilling. Gemeentelijke herindeling doen we alleen als burgers dat willen.
Segregatie dringen we terug, gemengde wijken en scholen bevorderen we, om mensen met een verschillende
herkomst een gedeelde toekomst te gunnen. Vertrouwen van burgers vereist zeker ook vergroting van de
veiligheid. Agenten brengen we daarom van het bureau naar de buurt. Agressie tegen agenten en andere
publieke hulpverleners wordt hard aangepakt.


En verder doen we, met uiterst beperkte middelen, maar via creatieve wegen, nog heel wat meer. Breedtesport
stimuleren we, geld weggooien aan de kandidaatstelling voor Olympische Spelen stoppen we. We maken de
ecologische hoofdstructuur af, ook al kost dat wat meer tijd, en we zetten de BTW op kunst en cultuur op 6
procent. Musea worden één dag per week gratis en kunstenaars geven we kans met eigen werk een fatsoenlijk
inkomen te verdienen.